Kafkaësk te laat

Dat half jaar op de maandagochtend beschreven in mijn vorige ninekdote was nog een uitspatting te noemen, op de middelbare werd het in acht nemen van de schooltijd een flinke uitdaging. Vanaf het moment dat ik de in eerste klas zat had ik de daarop volgende jaren regelmatig contact met de conciërges. Te laat in een les werd door veel docenten beantwoord met een ‘ga je maar melden bij de conciërge’. Aangekomen bij het het conciërgeloket werd het lijstje voor het te laat komen erbij gehaald. Bij voldoende streepjes achter je naam mocht je corvee of een andere variant van strafwerk doen. Een bureaucratische uitdaging, aangezien de conciërges genoeg andere zaken te doen hadden en niet altijd aanwezig waren in het loket. Ik was de beroerdste niet om ze enigszins te ontlasten en keerde bij een leeg loket weer terug naar de klas. Toen al toegewijd om Kafkaëske toestanden te vermijden.

Met een bonkend hart in mijn keel reed ik het schoolplein op.

Op weg in de ochtend naar de derde klas werd ik in het schemerlicht aangehouden door een agent, die mij wees op mijn fietsverlichting. Boetes werden uitgedeeld aan degene die geen licht aan hadden. Dat van mij brandde niet en een boekje kwam te voorschijn. Voordat de agent iets kon optekenen, vertelde ik in lichte paniek over mijn les die om 8.15u begon. Terwijl ik verder op mijn fiets stapte, gaf ik aan dat ik niet èn een boete wilde èn ook op school een straf voor het te laat komen. Ondertussen begon ik op mijn pedaal te trappen, nog even mompelend naar de agent dat hij dit vast wel zou begrijpen. Met een bonkend hart in mijn keel reed ik het schoolplein op. Ik weet niet of ik mijzelf die ochtend bij de conciërge moest melden. Ik ben tot op de dag van vandaag wel alert op werkende fietsverlichting wanneer politie nabij is. Ik zal hier verder niet ingaan op Kafkaëske toestanden, hoewel er toch minus één administratieve handeling was voor die agent bij mijn school.

Ik vernam voor het eerst van Franz Kafka gedurende mijn middelbare schooltijd. Als vierdejaars (van de havo) ging ik met mijn jaargenoten een weekje naar Praag. Vandaag stuitte ik op een prachtig verhaal van ‘de Literaire Toerist’ Kafka’s Klok over de Praagse schrijver, die opgroeide naast het Astronomisch uurwerk. In het foto-album van de Praagreis sta ik met een groep meiden en onze wiskunde leraar voor datzelfde astronomische uurwerk. In het artikel wordt beschreven dat Kafka ‘zich door niemand de tijd wilde laten voorschrijven’, ondanks die klokkenpartij naast zijn huis.

In het hokje achter mijn naam was geen plek voor nog meer streepjes.

Van havo 4 ging ik uiteindelijk naar het examenjaar. Het contact met de conciërges was inmiddels verschoven naar contact met de conrector. In het hokje achter mijn naam was geen plek voor nog meer streepjes. Ik begreep dat bij het overschrijden van het maximum aantal streepjes achter je naam er schorsing voor een dag zou volgen. De conrector had de strafmaatregelen van de conciërges uiteindelijk maar overgenomen. Ik was nu bevorderd tot st(r)afwerk op kantoor bij de conrector. Ik kreeg de opdracht, terwijl hij huiswaarts ging, om absentielijsten van verschillende klassen in de computer in te voeren. Er volgde nooit geen schorsing. Wat bleef was bureaucratisch  strafwerk. “De revolutie verdampt en wat overblijft is het slijk van een nieuwe bureaucratie”, dit citaat van Franz Kafka blijkt maar weer onheilspellend toepasselijk.