Bronverwarring

Het voelt zo in de zon zeker als dertig graden. Ik loop met een zware tas met daarin een statief en loodzware batterijen van de camera en eigen bagage over het busstation in Girona. We hebben allebei de maximale 15 kg per persoon en ook 10 kg handbagage. Bij de bagagecontrole op het vliegveld werden we daar nog eens op gewezen. Naast mij loopt op haar hakjes met haar bagage en tevens een zware cameratas mijn Russische studiegenoot. Waarom glamour niet mixen met een stukje journalistiek onderzoek. Met een bezweet voorhoofd zie ik daar nu niet direct helemaal het nut van in. Maar we zijn hier, want ik heb op deze plek een ontmoeting geregeld met een bron voor ons verhaal over bootvluchtelingen. Via een kennis is er met hem contact gelegd. Hij haalt ons op van het busstation. Hoe hij eruit ziet, weet ik niet. Ik heb hem alleen even kort gesproken aan de telefoon.

Gebiologeerd staar ik naar de handen van de man.

Ik verlies halverwege iets uit mijn tas, stop even om het op te rapen. En vanuit mijn ooghoek zie ik dat mijn studiegenoot al druk in gesprek is met een Afrikaanse man, die kort daar voor naar ons zwaaide. Mijn contact komt uit Gambia, deze man zou daar best eens vandaan kunnen komen. We schudden elkaar de hand. Gebiologeerd staar ik naar de handen van de man. Of nog meer naar zijn nagels. Aan elke vinger zit niet een, maar liefst twee nagels. Zoiets vreemds heb ik nog nooit eerder gezien. Ondertussen ben ik ook op en top aan het multitasken, als in spullen verslepen, telefoon checken en zorgen dat ik de twee voor me kan bijhouden.

Het gesprek wordt vooral in het Spaans gevoerd. Ik bedenk me nadat we al behoorlijk wat hebben gelopen dat mijn bron nog niet zolang in Spanje is. Ik geef voorzichtig dit door aan mijn studiegenoot. De man voor ons staat stil en laat trots zijn ID-kaart zien. Een Spaanse nationaliteit. Als ik verder kijk lijkt hij een hele andere naam te hebben dan die van ons contactpersoon. De man lacht, er ontbreken wat tanden. En ik zie rimpels van een man, zo tegen de vijftig. Dit is de verkeerde man zeg ik tegen mijn studiegenoot. Ik check weer mijn telefoon en zie een sms van de contactpersoon die op de bushalte nog op ons aan het wachten is. En zich afvraagd of wij goed zijn aangekomen.

Serieus? Dus dit is de verkeerde?

Ik leg dit meteen voor aan mijn studiegenoot. Ze draait zich abrupt om en vraagt: “Serieus? Dus dit is de verkeerde?” Met onze spullen lopen we weer terug naar het busstation. De man zwaait nog even naar ons. Ik beduusd van de vergissing sleep de nog steeds onhandige bagage achter me aan. Aangekomen bij het busstation zie ik een Afrikaanse jongen staan, hij zwaait naar ons en ik loop op hem af. Dit keer hoeven we geen ID-kaart te zien, hij begint direct over onze gezamenlijke kennis. En de jongen heet ons welkom in het Engels. Spaans is hij mee bezig en we begrijpen dat er zelfs gratis Catalaanse lessen worden gegeven. We worden uitgenodigd om mee te lopen naar zijn huis, hij pakt twee van onze tassen. Mijn studiegenoot checkt nog even bij me: “Is dit wel de goede Afrikaan?”